Supermarine
Spitfire Mk V

| De Spitfire Mk V ontstond uit de Spitfire Mk II en was in feite een gemodificeerde Mk I die voorzien was van een versterkte en langere motorophanging om de Merlin 45 te kunnen installeren. Alle tot dan toe aangebrachte verbeteringen waren in dit toestel ingebouwd. (Foto: Waffen-Arsenal Band 36) |
Terwijl de Spitfire Mk II het resultaat was van een aantal betrekkelijk kleine verbeteringen die aan de Spitfire Mk I waren uitgevoerd had Supermarine in de loop van 1939 ondertussen ook gewerkt aan een meer gemodificeerde en verbeterde versie. Een contract van het Air Ministry dat in 1939 was toegekend voorzag de modificatie van een Spitfire I (N3053) als een prototype voor de Spitfire Mk III (Supermarine-tekening 330). De nieuwe kenmerken waren een versterkte rompstructuur, een intern kogelvrij windscherm, een intrekbaar staartwiel, een versterkt landingsgestel (waarvan de wielen later nog een 5-tal cm naar voor werden verplaatst), een bijkomende pantsering van ongeveer 40 kg, een opgefokte motor en kortere vleugels. De spanwijdte bedroeg nu 9,3 m en de vleugeloppervlakte 20,4 m². De motor van het prototype waarmee voor de eerste maal in maart 1940 vlogen werd was een R.M.3SM die later als de Merlin XX zou worden geproduceerd. De inlaat van de olieradiator onder de bakboordvleugel had een groter frontaal oppervlak en bezat nu een ronde vorm in plaats van de vroegere halfronde vorm die in gebruikt was bij de Spitfire I en II. De koelradiator onder de stuurboordvleugel was vergroot maar het uitwendige gedeelte bleef nagenoeg ongewijzigd.
Tegen het eind van 1940 werd er aan CBAF een contract toegekend voor de productie van 1.000 toestellen. Supermarine, dat ook een contract voor 120 toestellen had gekregen, was echter van mening dat de meeste van de modificaties die bij de Spitfire III moesten ingevoerd worden beter en rapper konden worden uitgevoerd door het bouwen van een alternatieve variant. Daardoor werden de contractvereisten overeenkomstig gewijzigd en ging men over tot de bouw van de Mk V. (de Mk IV was een Mk III die voorzien was om met een Griffon motor te worden uitgerust). Het Mk III prototype werd gemodificeerd met de standaardvleugels (Type 343) en werd door Rolls-Royce gebruikt als testbank voor zijn motoren. Het toestel vloog in 1941/42 met een Merlin uit de 60/61 series bij de ontwikkeling van de Spitfire IX. In 1941 werd er een tweede prototype voor de Mk V gebouwd, dit was een modificatie van een Mk I (R6899) die werd voorzien van een nieuw landingsgestel en andere kenmerken van de Mk III. Het was tevens het eerste toestel dat met de nieuwe bewapening vloog, die bestond uit vier kanonnen.
De Mk V was aanvankelijk niet veel meer dan een Mk I die was uitgerust met een Merlin 45 die 1.185 startpk leverde met 12 lb aanjaagdruk en op 2.820 m een gevechtscapaciteit van 1.470 pk bij 16 lb aanjaagdruk leverde. Door het inbouwen van verschillende types van bewapening, motoren, vleugeltippen en nog enkele andere aanpassingen heerste er nogal enige verwarring bij het onderscheiden van de sub-varianten van de Spitfire V-familie. De Merlin 45 was de eerste van een groep nieuwe Merlin-motoren die werden gekenmerkt door een ééntrapscompressor met constante snelheid die grote verbeteringen had ondergaan. Het ontwerp van deze nieuwe motoren behield een totale lengte die gelijk was aan deze van de Merlin XX motoren waardoor er zich weinig problemen voordeden om ze in te bouwen. De ronde inlaat van de olieradiator, zoals voorzien voor de Mk III, werd eveneens ingebouwd en aan het profiel van de koelradiator en de neus van het toestel waren er ook maar geringe veranderingen aangebracht. De eerste Mk V's (Type 349) waren bijna niet te onderscheidden van de Mk I's met een 'A' of 'B' bewapening in de vleugels.
De eerste installatie van een Merlin 45, door Rolls-Royce uitgevoerd in een Spitfire Mk IA (K9788), wat feitelijk overeenkwam met de bouw van het prototype voor de Mk V, maakte het mogelijk dat de testen van de vliegeigenschappen reeds in december 1940 konden worden uitgevoerd.
![]() |
| Met in totaal bijna 6.500 exemplaren was de Spitfire Mk V de grootste serie van de Spitfire. De laatste toestellen van deze serie vlogen nog in 1948. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
![]() |
| In Noord-Afrika en in het Verre Oosten werden de Spitfire F Mk V's met stoffilters onder de neus en bijkomende brandstoftanks onder de romp afgeleverd. Ze gaven het toestel een lomp uitzicht. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
Rond dit tijdstip werd er ook met succes een afwerpbare brandstoftank ontwikkeld waarvan er meer dan 300.000 werden gebouwd voor de inzet met de Spitfire. Deze tanks (die konden worden gemonteerd zoals men een pantoffel zou aantrekken) waren speciaal ontworpen om zo aërodynamisch mogelijk onder de romp te worden opgehangen en waren zodanig gevormd dat ze rond de achterkant van de luchtinlaat van de carburator aansloten. Aanvankelijk ondervond men moeilijkheden bij het droppen van deze tanks. De uiteindelijke oplossing bestond erin dat er op korte afstand achter de tank twee stoppen werden geplaatst die, als de tank werd losgemaakt, naar achter gleed en tegen deze stoppen aanstootte. Daardoor werd de neus van de tank door de luchtstroming naar onder gedrukt en kwam dan zonder problemen van de onderzijde van het vliegtuig los. De eerste afwerpbare brandstoftanks hadden een inhoud van 136 l, daarna kwam er ook een tank met een inhoud van 205 l beschikbaar. Voor speciale opdrachten, zoals het overvliegen van Spitfires naar Malta vanaf vliegdekschepen, waren er tanks met een inhoud van 409 l gebruikt.
Deze vluchten naar Malta waren de eerste operationele vluchten van de Spitfire buiten het UK en vereisten een actieradius van minstens 1.000 km. Deze hadden ze nodig om, nadat ze voor de kust van Algerije vanaf de vliegdekschepen waren gelanceerd, Malta te kunnen bereiken. In maart 1942 vlogen drie groepen met tropenfilters uitgeruste Spitfire V B's, met in totaal 31 toestellen, vanaf de vliegdekschepen HMS Eagle en Argus naar Malta. Op 20 april werden deze gevolgd door 46 Spitfire V C's die gelanceerd werden vanaf de USS Wasp (één toestel ging onderweg verloren, die Spitfires werden gevlogen door piloten van No. 601 en No. 603 Sqdn). Op 9 mei volgden er nog eens 60 toestellen die vertrokken waren vanaf de Wasp en de Eagle. Daarna volgde dan een regelmatige toevoer van versterkingen vanaf de HMS Argus, Eagle en Furious zodat er tegen het eind van oktober 385 Spitfires waren gelanceerd waarvan er 367 aankwamen. Deze toestellen opereerden op Malta met No. 126, 185 en No. 249 Sqdn. Het merendeel van de toestellen waren Spitfire V C's die waren uitgerust met een tropenfilter. Door een gebrek aan 20 mm munitie voor de kanonnen betekende dit dat deze toestellen slechts met twee operationele kanonnen konden ingezet worden. De eerste toestellen die op Malta aankwamen droegen de woestijncamouflage die bestond uit zand- en steenkleurige vlekken, Daar de operaties over het algemeen boven zee werden uitgevoerd behielden de toestellen die later toekwamen hun Europese standaardcamouflage die bestond uit grijze en grijsgroene vlekken.
Ondertussen had Supermarine nog een grotere buikbrandstoftank ontwikkeld, deze beschikte over een inhoud van 773 l. Deze tank was ontwikkeld om toe te laten dat de Spitfires vanaf Gibraltar naar Malta konden overgevlogen worden. Dit betekende een afstand van 1.770 km. Dit monster van een tank omsloot volledig de luchtinlaat van de carburator die daardoor door een speciale luchtleiding die door de tank liep moest worden gevoed. Men had berekend dat in deze configuratie de Spitfire een bereik van 2.221 km zou halen. Na testen die uitgevoerd waren geworden bij A & AEE bleek dit een te optimistische berekening te zijn en er moest nog een bijkomende rompbrandstoftank van 132 l worden ingebouwd om deze afstand naar Malta in eenmaal te kunnen overbruggen. Door de grotere vliegduur moest er ook meer olie worden meegenomen. Er werd een nieuwe olietank ingebouwd waardoor echter ook de omtrek van de neus aanzienlijk verbreed werd zodat er geen tropenfilter meer kon worden geïnstalleerd. De twee eerste Spitfires die op 25 okt 1942 met deze overgrote tanks vanaf Gibraltar vertrokken kwamen zonder problemen op Malta aan. Daar de toestellen voor deze overtocht ook over een minimum aan bewapening moesten beschikken werden ze met slechts twee machinegeweren uitgerust. Ondanks deze lichte bewapening waren de toestellen toch nog overladen en hadden voor de startrun een aanloop nodig van niet minder dan 750 m. Onderweg werden de lege tanks niet afgeworpen. De vlucht duurde 5 hr 15 min. Na de aankomst op Malta werden terug de originele olietank, neusbekleding, tropenfilter en bewapening geïnstalleerd. In november en december vertrokken er nog 15 Spitfires vanaf Gibraltar naar Malta. Er ging één toestel onderweg verloren. Na de terugtocht van de Duitsers in El Alamein verminderde de dreiging voor Malta en de dringende behoefte om het eiland te versterken verdween.
Spoedig nadat de eerste Spitfire V's op Malta waren aangekomen werd er in de westelijke Woestijn een Sqdn ontplooid, No. 145, dat met de Spitfire V B werd uitgerust.
![]() |
| Spitfire Mk VB van no. 40 (SAAF) Sqdn eind 1943. De afgekorte vleugels leverden op lage hoogte een grotere snelheid en een betere rolsnelheid op. Opmerkelijk de ver uitstekende filter van de luchtinlaat van de carburator onder de neus. (Foto: I.W.M.) |
![]() |
| Twee Spitfire VB's met korte vleugels van no. 601 (County of London) Sqdn in formatie met de Wing Commander I.R. Gleed, wiens toestel voorzien was van de persoonlijke initialen. Deze eenheid was aanvankelijk bemand met reservepiloten en deed een groot deel van de oorlog dienst in het Middellandse Zeegebied. (Foto: I.W.M.) |
In tussentijd had Rolls-Royce de Merlin 45 versie in verschillende richtingen uitgebreid. Om te vermijden dat de Merlins onder negatieve g-krachten stilviel (wat inderdaad gebeurde waneer het toestel over de neus ging - dit was te wijten aan het type carburator dat werd gebruikt - deze werkte met een vlotter) werd er een ander type carburator ontwikkeld die met een membraan was uitgerust. Deze carburator werd dan gebruikt vanaf de Merlin 50 versie. Een andere oplossing was het gebruik van een SU injectiepomp voor brandstof die de brandstof in de luchtinlaat van de compressor spoot. Deze methode maakte het mogelijk om, zoals in het geval van de Merlin 46, een zelfde maximale kracht te ontwikkelen op een hoogte van 4.267 m zoals die ontwikkeld werd op 2.280 m. Dit was vooral nuttig voor Spitfires die voorzien waren om ingezet te worden op middelbare hoogtes. Voor toestellen die speciaal ontworpen waren om te opereren op lage-hoogtes waren de compressoren van de Merlin 45, 50 en 55, die werden geïdentificeerd door de letter 'M', uitgerust met ingekorte aandrijvers die een 18 lb/sq.in (1,27 kg/cm²) gevechtsaanjaagdruk leverden bij 1.585 pk op 838 m hoogte.
Tegen het eind van 1942 werden er prefix-letters toegewezen aan de officiële Mk-nummers om zodoende een rolindicatie mogelijk te maken. Dit leidde tot benamingen als F Mk VA, VB en VC en LF Mk VB.
![]() |
| Spitfire Mk VC. Deze jager was met een Rolls-Royce Merlin 46 uitgerust en kon met verschillende wapens worden uitgerust. Het toestel hier is uitgerust met twee Hispano-Suiza 2 cm kanonnen. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
Rr werden verschillende experimenten uitgevoerd met de Spitfire V B's (evenals met de Mk IA en de Mk VII) in een poging om duikremmen of andere installaties die de snelheid konden afremmen te ontwikkelen die moesten helpen om de snelheid van het toestel in duikvlucht af te remmen. Bij luchtgevechten had men ondervonden dat de Spitfires, eenmaal ze in duikvlucht overgingen, zeer moeilijk terug op te trekken waren. Ook hoopte men op deze manier van de Spitfire een geschikte variant van een duikbommenwerper te kunnen maken. Er werden eveneens testen uitgevoerd met de buikremmen van Youngman die met succes werden gebruikt door de Bristol Beaufighter. Geen enkel van deze systemen was echter in staat om de vereiste 1-g vertraging te bewerkstelligen bij duiksnelheden die rond de 646 km/ u (400 mph) lagen.
Naast andere experimentele Spitfire V's moet ook nog een vliegtuig vermeld worden dat in 1944 gemodificeerd werd door Westland tijdens experimenten die werden uitgevoerd voor een grensverleggend besturingssysteem. Prof A.R.Hill die daarvoor verantwoordelijk was liet daarbij gaten maken in de boven en onderzijde van de staartvlakken die aan een grote servo-cilinder in het achterste rompgedeelte werden verbonden. Een ander experiment in 1944 was de productie van een radiobestuurde Spitfire VB (Queen Spitfire) naar ontwerpen van ML Aviation.
Ook in Duitsland werd er met een buitgemaakte Spitfire VB van No. 131 Sqdn, die in november 1942 was neergegaan op één van de Kanaaleilenden, door Daimler Benz een experiment uitgevoerd. Het toestel werd uitgerust met een Daimler Benz DB 605A motor om het gedrag van het koelsysteem te onderzoeken.
Er werden eveneens testen uitgevoerd met Spitfire V's als mogelijke sleeptoestellen voor zweefvliegtuigen. Daarbij was aanvankelijk gedacht aan de Hotspur zweefvliegtuigen die gebruikt zouden worden om grondpersoneel over te brengen en voor het aanvoeren van onderdelen en brandstofvoorraden voor de Spitfires zelf zodat deze vanaf vooruitgeschoven bases zouden kunnen opereren. De technische haalbaarheid van het idee werd daarbij gedemonstreerd maar werd operationeel niet gebruikt.
Terwijl het ontwerpteam een meer normale ontwikkelingsprocedure volgde, met aërodynamische testen en verderontwikkelingen van de motor en de bewapening,
![]() |
| Spitfire PR Mk VC. X4492 behoorde tot een serie van 15 onbewapende verkenningsvliegtuigen. Ze waren met een Merlin 50 uitgerust. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
Terwijl deze vluchten op grote hoogtes boven het Midden-Oosten werden mogelijk gemaakt door modificaties die ter plaatse waren uitgevoerd was er in Engeland een versie voor grote hoogtes van de Spitfire V in productie genomen en bevonden er zich ook reeds enkele van deze toestellen in dienst. Deze variant, Spitfire Mk VI (ook HF Mk VI) Supermarine Type 350, bezat de voordelen van een drukcabine.
![]() |
| AB200 en AB 201 waren twee Spitfire Mk V's die werden omgebouwd tot prototypes voor de Mk VI. Ze werden voorzien van een drukcabine en een Rolls-Royce Merlin 47 (alhoewel de 49 was voorzien). (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
![]() |
| De Spitfire HF Mk VI was een Mk V met grotere spanwijdte, drukcabine en een Rolls-Royce Merlin 47 van 1.415 pk. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
![]() |
| De Spitfire PR Mk VII was een fotoverkenner met 8 Browning machinegeweren en was ontstaan door het ombouwen van Mk V toestellen. Als motor werd een Merlin 45 of 46 gebruikt met nog steeds een drieblad propeller. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
In tussentijd hadden ook een klein aantal Mk VII's Skaebrae op de Orkneys bereikt waar ze als opvolgers van de Mk VI door de verschillende eenheden in gebruik werden genomen. Onder deze eenheden bevonden zich ook No. 312 (Tsjechisch) en No. 118 Sqdn. De eerste eenheid die de Mk VII op de Orkneys operationeel inzette was No. 453 (RAAF) Sqdn (eind 1943). In het begin van 1943 nam No. 602 Sqdn de Mk VII's over. In het begin van februari slaagde No. 602 Sqdn erin om met een Mk VII een Me 109 G op 9.754 m te onderscheppen en neer te halen. No. 118 en No. 313 (Tsjechisch) Sqdn gebruikten eveneens de Mk VII maar deze eenheden werden na augustus 1944 niet meer operationeel ingezet waardoor No. 131 Sqdn tot in november 1944 de enige operationele eenheid bleef die op de Mk VII vloog. Eind november werden de VII's van No. 131 Sqdn overgenomen door No. 154 Sqdn.
Met het vooruitzicht op operationele vluchten op grote hoogtes werd er bij het prototype van de Mk VII, als een soort experiment, gekozen voor een volledige blauwe camouflage - PR Blue voor de bovenzijde en Deep Sky voor de onderzijde. Na testen met No. 124 Sqdn werd voor sommige toestellen deze camouflagekleur in gebruik genomen.
Twee productie Mk VII-toestellen werden getest met een injectiesysteem voor vloeibare zuurstof (door Heston Aircraft) om op die manier de motorkracht op grote hoogtes te kunnen opdrijven. Ten minste twee toestellen werden gebruikt door Rolls-Royce voor de ontwikkeling van een grote hoogte versie van de Merlin. Eén van de toestellen vloog met een R.M.16SM (representatief voor de Merlin 110-114 series). In april 1943 werd nog een andere Mk VII naar de US verscheept voor evaluatie door de USAAF op Wright Field.
Zoals reeds vermeld werd de Spitfire Mk VIII (Supermarine Type 359) gelijk met de Spitfire Mk VII ontwikkeld en maakte gebruik van alle speciale kenmerken van deze laatste met uitzondering van de drukcabine. Zijn voornaamste kenmerken waren dus een intrekbaar staartwiel, een structureel verbeterde romp, een Merlins 61 seriemotor, dubbele radiator en een vierblad propeller, verkorte rolroeren en - met uitzondering van de eerste productiegroepen - het scherpere richtingsroer met verbrede voorrand. Nieuw was ook de Aero-Vee tropenfilter die door Vokes was ontwikkeld. Deze betekende een grote aërodynamische verbetering ten op zichte van de filter die werd gebruikt bij de Mk V's die naar het Midden 0osten waren gestuurd. Deze nieuwe filter behoorde tot de standaarduitrusting van de Mk VII. Daar ondertussen de Mk XI de onmiddellijke behoeften aan verbeterde Spitfires voor het de Home Defence van het Fighter Command had aangevuld werden de meeste van de Mk VIII's voor hun operationele inzet doorgestuurd naar het Midden en Verre Oosten en naar Australië. Het productietotaal van de Mk VIII bedroeg 1.658 exemplaren en deze werden allen bij Supermarine geproduceerd.
De vleugel van de Spitfire Mk VIII was van het universele type met 'C '- bewapening maar werd naargelang de operationele vereisten met korte of lange vleugeltippen ingezet.
![]() |
| Spitfire Mk VIII JF880 AN-U ondergaat een controle op het vliegveld van Fano in Italië in december 1944. (Foto: via Canadian Forces) |
![]() |
| De Spitfire HF Mk VIII kan als eerste alle-weer-jager beschouwd worden. Het toestel beschikte niet alleen over stoffilters voor de inzet in de tropen maar kon ook voor de inzet bij extreem lage temperatuur in het hoge Noorden worden gebruikt. De spanwijdte was groter dan bij de Mk V maar kleiner dan bij de Mk VII. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
![]() |
| Een Spitfire HF Mk VIII van no. 417 (RCAF) Sqdn tijdens een patrouille boven Italië. Let op de verlengde vleugeltippen en het openstaande cockpitdak. (Foto: via J.D.Oughton) |
De combinatie van de Spitfire V C met de Merlin 61 motor - die tezamen de Spitfire IX vormden - was met uitzondering van de Spitfire V de meest gebouwde Spitfire-variant en was bijna toevallig tot stand gekomen. De ontwikkeling van de Merlin 60 was door Rolls-Royce op gang gebracht om een geschikte motor te bekomen voor de Wellington VI, een grote hoogte bommenwerper met drukcabine. Met de twee-traps compressor die 0,63 kg/cm² druk leverde op een hoogte van 9.145 m werd de kracht van de motor op die hoogte verdubbeld, van 500 naar 1.000 pk. De mogelijkheid dat deze motor ook voordelen kon brengen voor de inzet met de Spitfire schijnt bij Lord Hives (voorzitter van Rolls-Royce) in het begin van 1941 te zijn doorgedrongen. Alhoewel de daardoor vereiste extra lengte en bijkomende koelingvereisten door sommigen als het vragen naar onoverkomelijke moeilijkheden werd beschouwd, kreeg Rolls-Royce tamelijk snel van het Air Ministry te toestemming om te proberen om een Merlin 60 in een Spitfire in te bouwen.
Het toestel dat aan Rolls-Royce werd toegewezen voor de modificatie was het eerste prototype voor de Mk III. Op 15 april 1941 kwam dit toestel toe in het testcentrum van Rolls-Royce te Hucknall. Daar werd het uitgerust met een Merlin 60, een vierblad Rotol-propeller en dubbele radiators.
![]() |
| Spitfire LF Mk IX. Op 28.5.1942 kreeg de fabriek van Castle Bromwich de opdracht voor de bouw van 2.190 Spitfire Mk V en IX's. De laatste machine van deze bestelling werd op 22.5.1944 afgeleverd. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
![]() |
| De Spitfire HF Mk IX, een hoogtejager met een Merlin 70 van 1.475 pk, werd zowel bij Supermarine als door Castle Bromwich gebouwd. In hoogtes boven de 6.000 m was het toestel absoluut superieur aan de FW 190. (Foto: via Waffen Arsenal Band 36) |
Bij het uitwerken van de plannen voor D-Day werd ook de organisatie van de jachtsquadrons van het Fighter Command in het UK aangepast. De Home Defence werd verantwoordelijk voor de Air Defence of Great Brittain (ADGB) terwijl de eenheden die voorzien waren voor de ondersteuning van de landingen op D-Day toegewezen werden aan de Second Tactical Air Force (2TAF). Tegen het eind 1943 waren er reeds 22 sqdns aan de ADGB toegewezen en 34 aan de 2TAF. De 34 eenheden die voorzien waren voor de 2TAF kregen alle prioriteiten met betrekking op de uitrusting met de Mk IX. Sommige eenheden van de AFGB bleven op hun oudere Mk V's zitten, tot een heel eind in 1944. Ook in Italië werden er naast de Mk VIII's een aantal Mk IX's opgesteld.
Er werden verschillende Mk IX's gebruikt voor het uitvoeren van experimenten, zoals het vergroten van de actieradius om speciale opdrachten te kunnen uitvoeren.
![]() |
| Spitfire Mk IX C's van no. 241. Sqdn vliegen langs de Vesivius op de terugweg naar hun basis bij Napels, nadat ze het landingsstrand van Anzio met bommen en boordwapens hebben bestookt. Het toestel met de donkere propellerdop is SM425, RZ-R. (Foto: I.W.M.) |
| Squadron | Code | Serienummer | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| 1 | JX | MK172 | JX-M |
| 5 | 7B | SL600 | 7B-E |
| 6 | JV | ||
| 16 | MK915 | ||
| 17 | UT | AM406 | UT-H |
| 19 | QV QV | MH355 TE458 | QV-J |
| 20 | TH | TD264 | TH-U |
| 28 | BF | ||
| 32 | GZ | MA862 | GZ-V |
| 33 | 5R | PV202 | |
| 34 | 4M | ||
| 43 | FT | EN140 | FT-10 |
| 56 'Punjab' | US | LZ816 | US-V |
| 63 | UB | ||
| 64 | SH | MK805 | SH-B |
| 65 'East India' | YT | MH376 | |
| 66 | LZ LZ | MH297 RR263 | LZ-B |
| 72 'Basutoland' | RN | MA444 | RN-B |
| 73 | TP | MJ341 | ' C' |
| 74 'Trinidad' | ZP | PV147 | ZP-M |
| 80 | W2 | EN172 | W2-P |
| 81 | FL | EN120 | FL-P |
| 87 'United Provinces' | LK | NH346 | FL-P |
| 91 'Nigeria' | DL | MJ691 | |
| 92 'East India' | QJ | EN446 | |
| 93 | HN | PV124 | |
| 111 | JU | EN183 | JU-M |
| 118 | NK | MH488 | |
| 122 'Bombay' | MT | MH375 | |
| 124 'Baroda' | ON | PV303 | ON-S |
| 126 | 5J | MK126 | 5J-G |
| 127 | 9N | MH417 | |
| 129 'Mysore' | DV | MK777 | DV-T |
| 130 'Punjab' | AP | MK777 | AP-A |
| 131 | NX | MA834 | NX-A |
| 132 'Bombay' | FF | MH737 | FF-Y |
| 133 'Eagle' | MD | BR640 | MD-V |
| 152 'Hyderabad' | UM | MA454 | UM-V |
| 154 | HT | MJ689 | SK-U |
| 164 'Argentina British' | UB | SM391 | |
| 165 'Ceylon' | SK | MH381 | SK-U |
| 185 | GL | MA464 | GL-B |
| 208 | RG | PV117 | RG-E |
| 213 | AK | MA676 | |
| 222 | ZD | MH413 | ZD-M |
| 225 | WU | JL132 | |
| 229 | GR | MH907 | |
| 232 | EF | MA581 | |
| 234 | FX | TD310 | FX-C |
| 237 | DV | MH541 | |
| 238 | EM | MA455 | |
| 241 | RZ | MW425 | RZ-R |
| 242 | KY | ||
| 243 | GN | MJ712 | |
| 249 | GN | MA392 | 'T-V' |
| 253 | SW | LZ836 | SW-D |
| 274 | JJ | BS227 | JJ-Q |
| 287 | KZ | TB652 | KZ-A |
| 288 | RP | SL669 | RP-K |
| 601 'County of London' | U | MK551 | UF-T |
| 602 'City of Glasgow' | ZT | MJ339 | |
| 603 'City of Edingburgh' | 9R-XT/RAJ | E347 | RAJ-A |
| 604 'City of Middlesex' | NG/RAK | RW386 | |
| 607 'City of Durham' | RAN | ||
| 609 'West Riding' | PR RAP | RW378 RW359 | PR-G RAP-B |
| 611 'West Lancashire' | FY | BS387² | FY-Y |
| 612 'City of Aberdeen' | 8W RAS | SL674 SL674 | 8W-H RAS-H |
| 614 'County of Glamorgan' | RAU | ||
| 631 | 6D | SL614 | 6D-A |
| 667 | U4 | TB392 | |
| 682 | EN422 | ||
| 691 | 5S | TB993 | |
| 695 | 4M/8Q | TE450 | |
| 1435 | V | MH660 | 'Y-V' |
| Sqdn + Nationaliteit | Code | Serie | vb |
|---|---|---|---|
| 302 Pools | EX | MH869 | WX-R |
| 303 Pools | RF | MA814 | |
| 306 Pools | UZ | BS184 | UZ-E |
| 308 Pools | ZF | ML407 | |
| 310 Tsjech | NN | TE572 | NN-U |
| 312 Tsjech | DU | MK244 | |
| 313 Tsjech | RY | MK694 | RY-E |
| 315 Pools | SZ | BD514 | |
| 316 Pools | PK | EN186 | PK-J |
| 317 Pools | JH | BS302 | JH-B |
| 318 Pools | LW | PL353 | |
| 322 Nederlands | 3W | MJ64 | 3W-11 |
| 326 Vrije Fransen | 9I | ||
| 327 Vrije Fransen | MJ133 | ||
| 328 Vrije Fransen | S8 | MA912 | |
| 329 Vrije Fransen | 5A | PT455 | 5A-C |
| 331 Noors | FN | PL187 | FN-Z |
| 332 Noors | AH | BS249 | AH-R |
| 340 Vrije Fransen | GW | BS129 | GW-B |
| 341 Vrije Fransen | NL | BS538 | NL-B |
| 345 Vrije Fransen | 2Y | MJ241 | ZY-F |
| 349 Belgisch | GE | MJ360 | GE-H |
| 350 Belgisch | MN | MJ150 | MN-G |
| Royal Canadian Air Force | Royal New-Zealand Air Force | Royal Australian Air Force | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Sqdn | Code | Serie | vb | Sqdn | Code | Serie | vb. | Sqdn | Code | Serie | vb | |
| 401 | YO | MH911 | 485 | OU | ML407 | 451 | NI | MJ135 | ||||
| 402 | AE | BM526 | AE-X | 501 'County of Gloucester' | GD | MJ311 | GE-3 | 453 | FU | RS441 | FU-T | |
| 403 | KH | BR630 | 504 'County of Nottingham' | TM | PL256 | TM-L | 457 | BP | ||||
| 411 | DB | EN574 | DB-S | 518 | 5O | |||||||
| 412 | VZ | MJ452 | VZ-L | 567 | 14/I4 | SL614 | ||||||
| 414 | RU | 567 | 14/I4 | SL614 | ||||||||
| 416 | DN | BS127 | 577 | 3Y | SM511 | |||||||
| 417 | AN | LZ923 | 587 | M4 | ||||||||
| 421 | AU | NH183 | AU-K | 595 | 7B | PT753 | TB-G | |||||
| 441 | 9G | MJ627 | ||||||||||
| 442 | Y2 | MK141 | ||||||||||
| 443 | 21 | MK356 | 21-V | |||||||||
| Algemeen : | Spanwijdte 11, 22 m (LFV 9,80 m) Lengte 9,12 m (latere producties 9,20 m) Hoogte 3,47 m Vleugeloppervlakte 22,49 m² (LF V 21,46 m²) Vleugelsectie NACA 2213, vleugelwortel NACA 2208 |
|---|---|
| Gewicht : | Leeg/normaal beladen V A 2.250/2.829 kg, V B 2.297/3.007 kg, V C 2.313/3.077 kg (maximale grens 3.900 kg - alleen zachte manoeuvres) LF V B 2.290/3.000 kg |
| Motor : | Rolls-Royce Merlin 45, 50, 55 (1.470 pk op 2.819 m) Rolls-Royce Merlin 46, 50A, 56 (1.415 pk op 4.267 m) Rolls-Royce Merlin 45M, 50M, 55M (1.585 pk op 838 m) Mk V A Merlin 45, Mk V B Merlin 45 of 46 en enkele 50, 50A, 55 of 56, Mk V C Merlin 45, 46, 50, 50A, 55 of 56, LF Mk V B Merlin 45M, 50M of 55M |
| Bewapening : | Mk V A 8 x 0.303 Browning MG met 350 ppw ('A'-vleugel), Mk V B 2 x 20 mm Hispano met 60 gpw en 4 x 0.303 Browning MG met 350 ppw ('B'- vleugel), Mk V C normaal 'B'-vleugel maar met 120 gpw voor kanonnen sommigen uitgerust met 4 x 20 mm Hispano ('C'-vleugel), LF Mk V B 'B'-vleugel met 60 of 120 gpw, Mk V B en V C 2 x 113 kg en 1 x 227 kg bom |
| Capaciteiten : | Maximale snelheid : Mk V A 605 km/u op 5.950 m, Mk V B 593 km/u op 5.950 m, Mk V C 601 km/u op 3.962 m, LF Mk V B 574 km/u op 1.828 m Maximaal bereik 756 km, 1.830 km met afwerpbare brandstoftank |
| Motoren : | F Mk IX LF Mk IX HF Mk IX LF Mk XVI | 1.565 pk RR Merlin 61 of 1.650 pk RR Merlin 63 1.580 pk RR Merlin 66 1.475 pk RR Merlin 70 1.580 pk RR (Packard) M266 |
|---|---|---|
| Propeller : | Merlin 61: Merlin 63, 66 en 70: met vierblad CS Rotol 35 instelhoek type R3/4D5/3 gemaakt uit Dural. Als alternatief R5/4F5/4 gemaakt uit Jablo (geperst hout) of Hydrulignum. vierblad CS Rotol type R12/4F5/4 gemaakt uit Jablo of Hydrulignum. Diameter : 3,27 m | |
| Radiator : | Twee Moris QCP koelers onder de vleugels, een Moris QCR tussenkoeler aan stuurboordzijde en een Moris QCO oliekoeler (intern in bakboord radiator). Tropenversies uitgerust met een luchtinlaat Aero Vee-filter van Vokes. | |
| Vliegbegrenzing : | Maximale snelheid: | bij duiken 724 km/u met landingsgestel neer 257 km/u met kleppen neer 257 km/u |
| Beperkingen: | -spin niet toegelaten met bommenlast -bruuske bewegingen met bommenlast vermijden -hoek bij het duiken met bommenlast >40° -met afwerpbare tanks zoveel mogelijk rechte vlucht. | |
| Afmetingen : | Spanwijdte: Lengte : Hoogte: |
normaal 11,23 m korte tip 9,80 m normaal richtingsroer 9,46 m nieuw richtingsroer 9,56 m 3,48 m (staart neer 3,80 m) spanwijdte 3,19 m , oppervlakte 2,92 m² 1,73 m |
| Gewicht : | Maximaal toegelaten bij opstijgen 4.309 kg Normaal maximum tijdens vlucht 3.583 kg Totaal militaire last 474 kg Leeg 2.555 kg Normaal startgewicht 3.330 kg Pantsering 40 kg Piloot en parachute 90 kg | |
| Prestaties : | Maximale snelheid: Norm. kruissnelheid: Klimsnelheid : Hoogteplafond : 'val'-snelheid : Bereik : | F MK. IX 656 km/u op 7.620 m LF Mk IX 650 km/u op 6.400 m HF Mk IX 669 km/u op 8.229 m 421 km/u op 6.096 m |
Bron: Air International maart 1985 Spifire Simply Superb
Aircraft Profile nr. 166 Supermarine Spitfire Mk V Series
Waffen-Arsenal Band 36 "Gegner der Me 109 - Spitfire"