Messerschmitt
Me 110 Dagjager
F o t o' s (4)
|
| Escortevluchten voor konvooien boven de Middellandse Zee waren gewoonlijk een monotone opdracht. Let op de lange-afstand brandstoftank onder de toestellen en de scherpe scheidingslijn van de camouflage op de neus. |
|
| Na de vuurdoop in Frankrijk, waarbij de toestellen ononderbroken hadden vlogen en in gevechten betrokken waren geweest kostte het de Luftwaffe verschillende weken om de Zerstörergruppen klaar te maken voor de Slag om Engeland. |
|
| De Kommandeur van II./ZG 76, Hauptmann Rettberg, bij een briefing van zijn piloten voordat ze tegen Engeland vertrekken. Veel van deze mannen zouden van de inzet tegen de Britse jagers niet meer terugkomen. |
|
| De Zerstörerpiloten die tijdens de Slag om Engeland werden ingezet waren bijna allen ervaren gevechtspiloten die hun eerste ervaringen in het Noorden en Westen hadden opgedaan. Velen ervan waren al of bijna Asse. |
|
| Op 11 augustus 1940 hadden 61 Bf 110's van I. en II./ZG 2 de opdracht Junkers Ju 88 van KG 54 en Heinkels He 111 van KG 27 te escorteren bij een luchtaanval op Portland. Bijkomende bescherming werd gevlogen door de Me 109's van JG 2. Bij een luchtgevecht met Hurricanes werden 16 Hurricanes, zes Bf 110's, vijf Ju 88's, een He 111 en zes Me 109's neergehaald. Eén van de piloten die daarbij het leven liet was Major Ott, Kommandeur van I./ZG 2. |
|
| Deze radio-operator staat naast de overwinningsbalken die op de staartvin van zijn machine zijn aangebracht. Deze Bf 110 E was het toestel van Wilhelm Spies die in de herfst van 1941 aan het Oostfront de Kommandeur van I./ZG 26 was. |
|
| In de lente 1942 ruilde LG 144 zijn Me 109's voor Bf 110 Zerstörer om en werd van dan af II./ZG 76 genoemd. De Gruppe nam een haaiemuil als embleem en werd als de 'Haifisch'-Gruppe bekend. Hans-Joachim Japs voor zijn machine bij II./ZG 76. Later zou hij als één van de nachtjacht-experten en kommodore van NJG 1 bekend en beroemd worden. |
|
| Met zes luchtoverwinningen reeds een veteraan, Hans-Joachim Jabs poseert op de vleugel van zijn vliegtuig dat juist getankt wordt. |
|
| Om zo dicht mogelijk achter het front te blijven en de snel oprukkende tanks te kunnen volgen sprongen de Zerstörergruppen van weide naar weide. De omheinde weide van waar af II./ZG 76 zijn inzetten vloog was typisch voor de hulpvliegvelden. |
|
| Om zo dicht mogelijk achter het front te blijven en de snel oprukkende tanks te kunnen volgen sprongen de Zerstörergruppen van weide naar weide. De omheinde weide van waar af II./ZG 76 zijn inzetten vloog was typisch voor de hulpvliegvelden. |
|
| Alhoewel de Duitse Luftwaffe bijna het volledige luchtoverwicht bezat en Russische jagers slechts zelden in verschijning kwamen vormde de Russische Flak toch een voortdurende bedreiging. Lt N. Kulier, chef van een russische Flak-batterij poseert in de lente van 1942 voor een neergeschoten Bf 110. Hij zou er in geslaagd zijn om in totaal 8 toestellen neer te halen. |
|
| Een mekanieker controleert het staartvlak van een vliegtuig nadat het door Flak werd doorzeefd. De pas gerepareerde plaatsen zijn op de staartvin nog te zien. Zulke beschadigingen waren meestal niet erg en waren binnen een uur hersteld. |
|
| In 1942 werd II./SKG 210 in II./ZG 1 ombenoemd en kort daarop naar Italië overgeplaatst. De eenheid droeg nu terug haar oorspronkelijke naam. Bij de oorspronkelijke vorming van de eenheid droeg ze de naam 1/ZG 1. Toen de 2. en 3. Staffel als nachtjachteenheden werden ingezet, vormde de eenheid de kern van E.GR 210. In 1941 werd de eenheid terug in II./SKG 210 omgedoopt en nam deel aan de inval in Rusland. Ondertussen had de eenheid ook de 'Wespe' als kenteken toegekend gekregen. Het valt te betwijfelen als er in 1942 nog wel één van de oorspronkelijke piloten bij de eenheid in dienst was. |
|
| Eén van de weinige eenheden die in de winter van 1942-43 nog met de Zerstörer vloog waren de Staffeln van JG 5. De opgedreven prestaties van de G-modellen leverden nog aanzienlijke successen. Hier een machine bij het tanken. |
|
| MK 101 in een Me 110 B. Het in 1935 door Rheinmetall-Borsig ontwikkelde 3 cm MK 101 vliegtuigmachinekanon werd ook in de Me 110 B en Me 110 C-6 ingebouwd. Daar de resultaten met dit wapen echter niet bevredigend waren werd dit wapen maar zelden gebruikt. |