Avro
Lancaster Mk I
| Een trio Lancaster Mk I's van no. 207 Sqdn in 1942. Toen de productie van de Lancaster op gang kwam bezat het toestel reeds de staart van de Manchester Mk IA, met grote staartvinnen en roeren zonder centrale vin. Ook de romp was aanvankelijk overgenomen van de Manchester en bezat nog de rij kleine venstertjes (zichtbaar juist boven de zwarte rompcamouflage). (Foto: IWM) |
De Avro 683 Lancaster werd ontwikkeld uit een mislukking, de Avro Manchester, maar heeft desondanks bewezen niet alleen de beste bommenwerper van WO II te zijn, maar ook één van de succesvolste aller tijden. Er is zeker geen ander toestel dat de taak waarvoor het werd ontworpen met zo een goed resultaat heeft vervuld.
De Manchester die werd aangedreven door twee Rolls Royce Vulture motoren werd zodanig door motorproblemen geplaagd dat er in het midden van 1940 werd besloten om hem uit te rusten met vier Merlin 10s die elk 1.145 pk ontwikkelden. Er werd een Manchestercel genomen en deze kreeg het serienummer BT308. Voor dit toestel werd er een nieuwe middensectie ontworpen, en gebouwd, om de twee bijkomende motoren te kunnen monteren. In deze vorm kreeg het toestel aanvankelijk de naam Manchester III.
Dit betekende terzelfdertijd de geboorte van het prototype voor de Lancaster. Dit prototype vloog voor de eerste maal op 9 januari 1941. Later in dezelfde maand werd het toestel naar A & AEE te Boscombe Down geleverd voor het uitvoeren van een intensief testprogramma.
Alhoewel BT308 aanvankelijk was uitgerust met drie staartvinnen - de standaarduitvoering van de Manchester - werden deze spoedig vervangen door een dubbele staartvin met een grotere oppervlakte die bevestigd waren aan een staartvlak dat een spanwijdte had van 10,81 m. Dit droeg niet alleen bij tot een verbetering van de stabiliteit van het toestel maar verbeterde eveneens de vuursector van de rugschutter.
De Lancaster werd een onmiddellijk succes en in september werd BT308 aan No. 44 Sqdn te Waddington geleverd voor een algemene evaluatie en het trainen van de bemanningen.
![]() |
| Beide prototypes werden gecamoufleerd met groene en bruine vlekken bovenaan en onderaan in het geel. BT308 was een snelle machine die een vlakke stabiele vlucht leverde en een maximale snelheid van 480 km/u bereikte. De brandstofvoorraad was kleiner en het toestel had een lager gewicht dan de produktietoestellen. |
![]() |
| Lancaster B1 W4963 gebruikt voor testen bij A&AEE te Boscombe Down. Waarschijnlijk de eerste B1 die met de H2S radar werd uitgerust. |
![]() |
| Lancaster Mk I W4115 uitgerust met een FN79 toren werd gebruikt voor het uitvoeren van testen bij A &AEE. |
Alhoewel hij vanuit zijn basis een betrouwbaar ontwerp was vertoonden sommige Lancasters in het begin van hun carriere (soms totale) structurele fouten, vooral tijdens het eerste jaar dat ze operationeel waren. Er stortten een paar Mk I's neer doordat hun ontwerpsbeperkingen schromelijk overdreven waren. Dit kon gebeuren omdat de Lancaster zo een gemakkelijk vliegtuig was om mee te vliegen, zelfs wanneer het volledig beladen was kon men het met de vingertoppen besturen. Er bestaan zelfs verslagen over Lancasters die loopings uitvoerden en om hun as tolden. Een ervaren piloot kon bij sommige gelegenheden een jager uitmanoeuvreren of losvliegen, zoals Duitse jagerpiloten tot hun nadeel ondervonden.
De Lancaster was een bijna perfect vliegtuig, snel voor zijn grootte en goed gestroomlijnd. Het zicht vanuit de cockpit was uitstekend en alhoewel het comfort voor de bemanning niet te vergelijken was met dit van de Amerikaanse toestellen, hoorde met zelden of nooit door de bemanningen die ermee vlogen iets slechts vertellen over het toestel. Tijdens de oorlog was het gewondenpercentage onder de bemanningen tegenover de andere toestellen zeer laag, een kenmerk dat door diezelfde bemanningen zeer op prijs werd gesteld.
De normale bemanning van een Lancaster bestond uit zeven man : de piloot, boordmechanieker, navigator, radio-operator, mid-bovenschutter, staartschutter en bommenrichter. Deze laatste bediende ook de neusbewapening. Sommige sqdns voor speciale opdrachten hadden een achtste man aan boord zoals een radio-operator die de vijandelijke radioverbinding moest storen (No. 101 Sqdn), of de schutter van het buikkanon bij sommige andere toestellen. Ook bij bepaalde Pathfinderopdrachten werd er een achtste man meegenomen als (visuele) bommenrichter, en bij toestellen die uitgerust waren met de H2S was het de standaardnorm dat er twee navigators meevlogen, de tweede bediende dan de H2S.
De resultaten van de Lancasters en de mannen die er mee vlogen zijn goed bekend en het vliegtuig zelf is beschreven geworden als het toestel dat de WO II won, een overdrijving die men echter mag vergeven. Het eerste Lancaster Sqdn was No. 44 (Rhodesia) met basis te Waddington. Het werd gevolgd door No. 97 (Straits Settlements) met basis te Coningsby en Woodhall Spa. De eerste operaties met de Lancaster werden uitgevoerd op 2 maart 1942 toen No. 44 luchtmijnen dropte boven de Helgoland Bocht. De eerste bommenraid werd uitgevoerd op 10 maart op Essen.
Tot in het begin van 1943, toen de Mk II en Mk III in dienst verschenen, waren alle Lancaster-operaties uitgevoerd geworden met de Mk I. Alhoewel de Lancaster was ontworpen als een nachtbommenwerper werd hij de eerste maal vernoemd op 17 april 1942 bij een dagaanval op een motorenfabriek te Augsburg . Deze aanval werd uitgevoerd door toestellen van No. 44 en No. 97 Sqdn onder leiding van de Sqdn.Ldrs Nettleton en Sherwood. Slechts vijf van de opgestegen 12 Lancasters keerden terug naar hun basis. Wegens de grote risico's die aan de dagaanvallen verbonden waren voerden de Lancasters nadien, totdat de geallieerden het luchtoverwicht in Europa bezaten, nog slechts sporadisch dagaanvallen uit.
Op 17 oktober 1942 vond er hoedanook nog een andere spectaculaire aanval plaats, deels bij daglicht, toen meer dan 90 Lancaster I's van de No. 5 Group de Schneider-fabrieken te le Cruésot aanvielen. Een trip die tot 10 uur vliegduur benodigde. Daarbij ging er slechts één toestel verloren. W4117 VN-R van het No. 50 Sqdn, gevlogen door F/Sgt J.E.Taylor, DFC, DFM kwam boven het doel aan en stelde vast dat zijn bommendeuren niet wilden openen waardoor hij zijn bommenlast van 1.800 kg terug naar zijn basis te Upper Hyford moest meenemen. Hij beschikte daarbij nog over slechts gevaarlijk weinig brandstof.
![]() |
| Lancaster B1 R5668 GP-N van no. 1661 Convertion Unit, Winthorpe, februari 1944. |
![]() |
| Lancaster B1 'Elizabeth' van no. 97 Sqdn, Woodhall Spa, midden 1942. Op de productielijn de naam gegeven naar Queen Elizabeth. |
![]() |
| Lancaster B1 (Special) met een 22.000 lb bom onder de romp. Deed dienst bij no. 617 Sqdn. |
De Lancaster Mk I bleef dienst doen met de bommenwerpersqdns totdat hij door de B1 (F/E) vervangen werd die op zijn beurt tussen 1946 en 1950 vervangen werd door de Lincolns. De laatste Lancaster I PA427 (feitelijk een OPR I) was pas in 1953 uit het Bomber Command teruggetrokken.
Voor operaties tegen de Jappen met de 'Tiger Force' werden er latere Mk I's gemodificeerd als B1 (F/E) maar werden niet meer als dusdanig gebruikt wegens de inzet van de atoombom. Deze toestellen die wit waren geschilderd en een zwarte onderzijde hadden, werden gemodificeerd door de No. 32 MU en werden uitgerust met bijkomende radio-apparatuur, radar en navigatiehulp voor het uitvoeren van lange-afstand operaties vanaf bases in de Pacific.
Als experiment werden twee Lancaster I's, HK451 en SW244, met zadeltanks uitgerust om extra brandstof te kunnen meenemen en werden in India en Australië getest waar men vond dat ze in deze vorm te kwetsbaar waren voor jageraanvallen en het model werd verworpen.
Onder de sqdns die op de B1 (F/E) vlogen bevonden zich ook No. 7, 115, 49, 207 en No. 35 Sqdn. Dit laatste sqdn toerde in 1946 door de USA onder leiding van W.Cdr A.J.L Craig. Sommige van deze vliegtuigen, waaronder PA411 en TW656 dienden vervolgens met No. 230 OCU, Lindholme en droegen de codeletters A3-U en A3-F, nog steeds in de kleuren van het Verre Oosten met de handtekening van bekende filmsterren die er tijdens hun toernee door Amerika waren opgeschilderd.
Twee Lancasters Mk I PD318 (Ram van de Empire Air Navigation School, Shawburry) en PB873 (Thor van de Empire Air Armaments School, Manby) werden beroemd door hun vlucht-rond-de-wereld en hun transpolaire vluchten in 1945 en 1946.
Het Coastal Command maakte weinig gebruik van de Mk I, het gebruikte voornamelijk de Mk III alhoewel No 236 OCU één of twee Mk I's gebruikte te Kinloss (SW302 en TW881).
In 1948-49 was No. 82 Sqdn uitgerust met een andere versie van de Mk I, deze was bekend onder de naam Mk PR I (Photographic Recconnaissance) Dit type was volledig in het zilver geschilderd en bezat geen geschutstorens. Met deze toestellen voerde het Sqdn luchtbewakingsopdrachten uit boven Centraal- en Oost-Afrika. Eén van deze Lancasters, PA474, werd vervolgens overgenomen door het Ministry of Aviation en tot in december 1963, met nog steeds de kentekens van No. 82 Sqdn, met andere vleugels getest door Handley Page van het College of Aeronautics, Cranfield.
Op 18 augustus 1965, na opnieuw met oorlogscamouflage te zijn herschilderd, werd PA474 van Hentow naar RAF Waddington overgevlogen waar het door No. 44 (Rhodesian) Sqdn werd overgenomen. Dit was de eerste Rhodesische eenheid die op de Lancaster vloog. Het toestel werd daar KM-B.
Er zijn nog twee andere Lancasters I's bewaard gebleven - R5868 te RAF Scampton en W4783 in Sydney, Australië. Beiden zijn veteranen van veel operaties boven Duitsland. De neus van DV372 (PO-F) van het No. 467 Sqdn bevindt zich in het IWM te Londen.
Waarschijnlijk de laatste Lancaster Mk I die dienst deed met de RAF was TW669 die door het Fighter Command werd gebruikt als fotoverkenningsvliegtuig tot in 1954. Ook dit toestel had voorheen dienst gedaan met No. 82 Sqdn.
| Fabriek | Aantal |
|---|---|
| Avro Chadderton | 839 |
| Avro Yeadon | 53 |
| Vickers Armstrong Chester | 300 |
| Castle Bromwich | 235 |
| Armstrong Whitworth Baginton | 911 |
| Austin Longbridge | 150 |
| Metrovick Mosley Road,Manchester | 941 |
| Prototypes | 2 |
| Produktietotaal | 3.431 |
Manchester - Chadderton, eindmontage Woodford
L7527-7549, 7565-7584
R5482-5517, 5537-5576, 5603-5640, 5658-5703,5724-5763
W4102-4140, 4154-4201, 4230-4279, 4301-4340, 4356-4384
ED303-334, 347-361, 363-370, 372-377, 379-382, 384-386, 388-389, 391-392, 409, 411, 412, 414, 418, 420, 422, 425, 430, 436, 439, 443, 446, 447, 451, 474, 485, 498, 521, 522, 525, 538, 533, 537, 548, 550, 552, 554, 567, 569, 586, 588, 591, 600, 601, 604, 610, 615, 622, 631, 650, 661, 692, 703, 715, 732, 735, 749, 751, 754, 755, 757, 758, 761, 762, 763, 766, 769, 770, 773, 774, 777, 778, 780, 781, 782
JB127
Chadderton
ME703-705, 708, 721-727, 730-732, 734-757, 759-768, 780-823, 836-881, 893-922, 924-936, 949-959, 981-990, 995-998, 961
PD112-139, BI Special
PB592 gebouwd als Mk III veranderd in Mk I Special
PB643-647, 671-674, 686-692, 695-696
Austin Motors Longbridge
NN694-726, 739-786, 798-816
NX548-589, 603-610
Mosley Road Manchester (eindmontage bij Avro Woodford)
R5842-5868, 5888-5917
W4761-4800, 4815-4864, 4879-4905, 4918-4967, 4980-4982
DV277-282 deze groep werd afgewerkt door Vickers-Armstrong
DV291-297, 299-309, 311-312, 324-345, 359-382, 393-394, 396-407
PD198-239, 252-296, 309-349, 361-404, 417-444
RA500-547, 560-607, 623-627, 787-795
RA796 deze machine kreeg haar eindmontage bij Vickers-Armstrong,Chester
RA797-792, 800-806 deze machines kregen hun eindmontage bij Vickers-Armstrong,Chester
ME554-596, 613-650, 663-704, 717-759, 773-814, 827-968
SW243-279
TW915-929 deze machine kregen hun eindmontage bij Vickers-Armstrong,Chester
| Sqdn | Code | Sqdn | Code | Sqdn | Code | Sqdn | Code | Sqdn | Code |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 7 | MG(*) | 9 | WS | 12 | PH&GZ | 15 | LS&DJ | 35 | TL |
| 44 | KM | 49 | EA | 50 | VN | 57 | DX | 61 | QR |
| 75 | AA&JN | 82 | Nihil(**) | 83 | OL | 90 | WP | 97 | 0F |
| 100 | HW | 101 | SR | 103 | PM | 106 | IQ | 115 | KO,A4&IL |
| 138 | AC&NF | 148 | AU | 149 | OJ&TK | 150 | XY&AP | 153 | P4 |
| 156 | GT | 166 | AS | 170 | TC | 185 | XY&AP | 189 | CA |
| 195 | A4&JE | 207 | EM | 214 | QN | 218 | HA | 227 | 9J |
| 300 | BH | 405 | LQ | 424 | QB | 427 | ZL | 429 | AL |
| 433 | BM | 434 | IP&WL | 460 | UV&AR | 463 | JO (***) | 467 | PO |
| 514 | JI&A2 | 541 | Nihil | 550 | BQ | 576 | UL | 582 | 6O |
| 617 | AJ,KC & YZ | 619 | PG | 622 | GI | 625 | CF | 626 | UM |
| 630 | LE | 633 | Nihil | ||||||
(*) aanvankelijk XU, (**) enkel DRI (***) aanvankelijk PO | |||||||||
| Lancaster B.I R5556 van no.44 (Rhodesia) Sqdn, Coningsby Lincolnshire 1942. Het toestel is uitgerust met een buiktoren. Lancaster B.I W4794 PH-V van no. 12 Sqdn, Lincolnshire 1942. Rechts de positie van het serienummer en embleem van PH-V. Lancaster B.I PD441 PG-B van no.619 Sqdn, Strubby Lincolnshire 1945. |
| Serienr. | Sqdn | Code | Datum 1. opdracht | Aantal operaties |
|---|---|---|---|---|
| R5868 | 83 | OL-Q | 6/42 | 137 |
| 467 | PO-S | 9/53 | ||
| W4964 | 9 | 4/43 | 106 | |
| DV302 | 101 | SR-H | 11/43 | 121 |
| ED588 | 97 | OF- | 2/43 | ten minste 100 |
| 50 | VN-G | 3/43 | 125 | |
| 15 | LS-J | 4/44 | 134 | |
| LL843 | 407 | PO- | 2/44 | 118 |
| 61 | QR-H | 7/44 | ||
| LL885 | 622 | GI-J | 3/44 | 113 |
| ME746 | 166 | AS-C | 4/44 | 116 |
| ME758 | 12 | PH-N | 4/44 | 108 |
| ME803 | 115 | KO-L | 5/44 | 105 |
| A4-D | ||||
| IL-C |
| R5508 KM-B | Sqd.Ldr Nettleton DFC | 1.4.42 | piloot | No. 44 Sdqn |
| PD377 WS-U | Fl.Sgt.G.Thompson | 1.1.45 | radio-operator | No. 9 Sqdn |
| ME669 ZN-O | Sgt N.C.Jackson | 26.4.44 | boordmechanieker | No. 106 Sqdn |
| B.031 PA375 | B.032 PA376 | B.033 PA377 | B.034 PA350 | B.035 PA346 |
| B.036 PA349 | B.037 PA344 | B.038 PA369 | B.039 PA346 | B.040 PA365 |
| B.041 RA625 | B.042 RA798 | B.043 RA788 | B.044 | B.045 PA378 |
| 1801 PA476 | 1802 PA441 | 1803 SW308 | 1804 TW893 | 1805 PA435 | 1806 PA391 |
| 1807 TW890 | 1808 SW313 | 1809 TW656 | |||
| WU02 SW297 | WU17 TW656 | WU24 PA389 | WU25 PA387 | WU26 RA797 | |
| WU27 TW651 | WU28 TW648 | WU29 PA425 | WU30 RA787 | WU31 RA799 | |
| WU37 TW922 | WU41 TW928 | WU32 PA395 | WU33 PA471 | WU34 PA426 | |
| WU42 TW915 | WU48 TW921 | WU35 PA452 | WU36 PA392 | WU38PA412 | |
| WU47 TW920 | WU45 TW916 | WU39 PA416 | WU40 PA432 | WU43 PA431 | |
| WU53 TW927 | WU44 RA793 | WU46 PA429 | WU52 RA800 | WU49 RA627 | |
| WU50 RA795 | WU51 RA796 | ||||
| WU27,WU41 en WU43 dienden met het Escadrille de sevitude, Noumea tot in 1970. | |||||
Het toestel voor de Zweedse Luchtmacht werd aanvankelijk in Langer behouden als reserve voor het Argentijnse contract. Werd door de Air Service Training gemodificeerd en uitgerust met Stovern straalmotoren in de bommenruimte,1950.
80001 RA805
In de periode na de oorlog bewees de Lancaster een uitstekende testbank te zijn voor motoren en de Mk I's die voor dit doel werden gebruikt waren:
NG465 - Rools Royce Dart (installatie in de neus)
TW911 - Armstrong Siddeley Pythons (buitenboord).
De vliegtuigen speelden een belangrijke rol in het onderhoud van burgerlijke luchtvaartwegen en bij de introductie van de Lancastrian. Het tankertoestel (bevoorrading in de lucht) speelde een pioniersrol in wat vandaag een normale zaak is.
| G-AGJI | DV379 B.O.A.C |
| G-AGUN | PP744 Britse Zuid-Amerika Airways |
| G-AHVN | idem B.O.A.C. tankervliegtuig |
| G-AHJT | LL809 tankervliegtuig |
| G-AJWM | PP741 B.E.A. en Alitalia bemanningstrainer |
| G-AKAB | PP739 Skyways bemanningstrainer |
| G-AKAJ | HK557 tankervliegtuig |
| G-AKAK | PP743 tankervliegtuig |
| G-AKAL | PP742 tankervliegtuig |
| G-AKAM | PP734 tankervliegtuig |
| G-AGUJ | PP689 B.S.A.A.C. vrachtvliegtuig |
| G-AGUK | PP688 B.S.A.A.C. vrachtvliegtuig |
| G-AGUL | PP690 B.S.A.A.C. vrachtvliegtuig |
| G-AGUM | PP751 B.S.A.A.C. vrachtvliegtuig |
| G-AGUO | PP746 B.S.A.A.C. vrachtvliegtuig |
| Lancaster Mk I R5727 | gebruikt als Canadees modelvliegtuig werd vervolgens CF-CMS van Trans-Canada Airlaines. |
| Afmetingen | spanwijdte 31,11 m, hoogte (staart op) 6,24 m lengte(staart op) 21,18 m |
|---|---|
| Gewicht | leeg 16.818 kg - 16.136 kg (*) normaal beladen 29.545 kg - 32.727 kg (*) max bommenlast 8.181 kg - 10.000 kg (zonder speciale modellen) Brandstof 9.738 l - 7.604 l olie 613 l installatie mogelijkheid van 2 x 1.816 l tanks in de bommenruimte en romp |
| Prestaties | normale prestatie, vol beladen 272 km/u tot 4.575 m dan 256 km/u tot 6.710 m (normale diensthoogte), klimmen en kruissnelheid : max snelheid in vlakke vlucht 440 km/u volbeladen op 4.575 m, 459 km/u leeg, 392 km/u volbeladen op zeespiegelhoogte maximale duiksnelheid 576 km/u. Na het lossen van de bommen: normale kruissnelheid 320 km/u (stalling snelheid bij 22.727 kg 147 km/u), bereik met 3.18 kg belasting 4.048 km, 2.768 km met 5.454 kg last. B1 Special 2.4800km op 4.540m hoogte met 320 km/u. |
| Motoren | 1942 - vier Merlin 22, 1944-45 - vier Merlin 24 |
| Bewapening | (Alle torens van het Frazier Nash type met uitzondering van de speciale installaties zoals de Rose-Rice staarttorens) Voorste toren FN5 2 x .303 Browning MG's midden- boven FN50 2 x .303 Browning MG's, achter FN20 4 x .303 Browning MG's, achter (latere producties) FN121 4 x .303 Browning MG's, buik (slechts bij een paar exemplaren) FN64 2 x .303 Browning Mk II MG's. Ook sommige toestellen voorzien van enkele .50 Browning MG's in de buiktoren. B1 (F/E) uitgerust met FN82 staarttoren met 2 x .50 Browning MG's. |
| Bommenlading | maximaal 8.181 kg (10.000 kg bij de B1 specials) Alle Lancasters 1.818 kg bommen en vanaf het midden 1943 konden de meesten 3.636 kg bommen dragen. Latere toestellen onden een 454 kg bom meevoeren (niet te verwarren met de 5.454 kg '"Tallboy") |
| (*) B1Special. | |
Bron : Aircraft Profile nr. 65 Avro Lancaster Mk I. (Brian Goulding & M.Garbett)
Fana de l'Avition "Les Avions de Combat Britanniques"
Flugzeuge des 2.Weltkrieges (Heyne-Bildpaperback).