Junkers
Ju 87 A - B
S T U K A

| Ondanks zijn geringe aantal bij het begin van de aanval in het Westen (slechts een 380 toestellen) werd de Ju 87 B het beslissende wapen tijdens de Blitzkriege tegen Polen, Noorwegen, de Lage Landen en Frankrijk. |
De Junkers Ju 87 werd door de Duitse propagandamachine ontvangen als het ultieme wapen, en het leek er op dat zijn fenomenale successen in Polen en in het Westen dit schenen te bevestigen. Daarbij had de Ju 87 de vrije hand gekregen en kon vrij over vijandelijke gebied rondzwerven en ondertussen naar goed geluk verwoesting onder zowel de troepen als de burgerbevoking toebrengen. Hij bleek uitstekend geschikt te zijn bij het uitvoeren van aanvallen tegen schepen, voertuigen, fortificaties en troepenconcentraties. Deze aanvallen werden uitgevoerd in een duikvlucht onder een hoek van 80°. Zijn eigenaardige vorm met de knikspantvleugels (omgekeerde meeuwenvleugels) en de huilende sirenes (Jericho-Trompete) droegen bij tot het demoraliseren van de tegenstander. De Ju 87 werd, als meest effectieve aanvalsbommenwerper van de openingsmaanden van de Tweede Wereldoorlog, het synoniem van het woord 'Stuka', een afkorting van het Duitse woord 'Sturzkampfflugzeug' of duikbommenwerper. Maar toen hij ten slotte echte effectieve tegenstand ondervond zoals bij Duinkerken en later in de Slag om Engeland, werd hij gedecimeerd. Traag, niet zeer wendbaar en slechts één enkele naar achter vurende machinegeweer als verdediging waren de kenmerken van de machine, tijdens de inzet waren nog veel andere tekortkomingen ontdekt.
De voorloper van de Ju 87 was de in Zweden gebouwde Junkers K.47 die zijn eerste vlucht maakte in 1928. Dit toestel werd aangedreven door een 480 pk Bristol Jupiter stermotor, en stond geclassificeerd als een tweekoppige onderschepper. De machine was echter uitgerust met speciale bommenrekken onder de vleugels, buiten de propellercirkel en kan daardoor beschouwd worden als de voorloper van de Stuka. Reeds in het begin van de jaren 30 werden de eerste Amerikaanse vliegdekschepen met duikbommenwerpers uitgerust. De oorzaak hiervoor was de sterke marineuitrusting van Japan - vooral hun vliegdekschepen. Bij het aanvallen van puntdoelen, zoals ook een schip kan worden aanzien, scheen een duikaanval de voorkeur te krijgen en meer succesversprekend te zijn dan een gewone torpedo-aanval. Ernst Udet, één van de architecten van de nieuwe Duitse Luftwaffe, was enthousiast over de capaciteiten van de duikbommenwerper, na een demonstratie te hebben bijgewoond door Curtiss Helldivers in Cleveland, Ohio op 27 september 1933. Hij kocht twee van de toestellen en liet ze naar Duitsland overbrengen waar hij ze demonstreerde voor leden van het Reichsluftfahrtministerium. Er werd een contract opgesteld voor de constructie van een Duitse duikbommenwerper.
![]() |
| De Junkers Ju 87 V-1. Dit prototype vloog reeds in 1935. Het bezat een dubbel staartroer voor een beter schootsveld naar achter. Als motor werd een 525 pk Rolls Royce Kestrel geïnstalleerd. |
In de zomer van 1937 gingen de eerste Ju 87 A's in dienst met Stukageschwader 163 'Immelmann', een recent opgestelde eenheid en wat 'elitaire' formatie. St.G 163 was belast met de operationele evaluatie van de nieuwe duikbommenwerper, en moest bruikbare tactieken ontwikkelen voor de machine. In december 1937 werd er een flight van drie Ju 87 A-1's, gekend als de 'Jolanthe Kette' gedetacheerd van St.G 163 naar Spanje als een onderdeel van het Legion Condor. De drie toestellen kwamen voor de eerste keer in actie te Teruel, ten noord-westen van Valencia, en ondersteunden vervolgens de Spaanse Nationalisten bij het naar de Middellandse Zee drijven en vernietigen van de Republikeinse verbindingen. Later namen ze deel aan het offensief in Catalanië en de gevechten aan het Ebro-front waarbij de bemanningen van St.G 163 voortdurend werden uitgewisseld om zoveel mogelijk manschappen zoveel mogelijk operationele ervaring te laten opdoen.
Alhoewel er slechts drie Ju 87 A-1's aan Spanje werden geleverd waren ze opvallend succesrijk, de Nationalisten hadden de luchtsuperioriteit wat toeliet dat de duikbommenwerpers vrij konden opereren. Men ondervond dat bommen met grote trefzekerheid konden ingezet worden tegen wegen, bruggen en scheepsdoelen; communicaties konden vernietigen en vijandelijke troepen effectief konden afsnijden in het bergachtig Spaans landschap. Het toestel kon in bepaalde gevallen de artillerie vervangen en leverde goede ondersteuning voor de infanterie. In het begin van 1939 werden er verschillende Ju 87 B-1's naar Spanje gestuurd als versterking van de voorgangers. Deze namen deel aan bombardementen tegen schepen in de Spaanse havens van Barcelona, Tarragona en Valencia, waarbij ze veel schepen konden tot zinken brengen en grote delen van de haveninstallaties konden vernietigen. De legende van de Stuka was geboren.
In de zomer van 1938 volgde de Junkers Ju 87 B de A-serie op op de productielijn. Er werden 10 pre-productie toestellen gebouwd waarbij de 900 pk Junkers Jumo 211 A motoren werden gemonteerd. Daarbij kwam dat de Ju 87 B verschilde van zijn voorganger door zijn volledig herontworpen cockpitdak, vergrote verticale staartvlakken, 'slobkousen' in plaats van 'broeken' en een bijkomende 7.9 mm MG 17 machinegeweer in de bakboordvleugel. De lengte was 20 cm langer, het gewicht in lege en beladen toestand was verhoogd en het toestel kon normaal een 500 kg bom onder de romp dragen of een 250 kg bom en vier 50 kg bommen, deze laatsten onder de vleugels. De tien pre-productietoestellen werden gevolgd door de over het algemeen gelijke Ju 87 B-1 waarvan er vier varianten werden geproduceerd. Deze waren de standaard Ju 87 B-1/U1, de Ju 87 B-1/U2 met alternatieve radio-uitrusting, de B-1/U3 met bijkomende pantsering en pantserglas voor de schutter en de B-1/U4 die gelijk was aan de U3 maar met ski's kon worden uitgerust. De Ju 87 B-1/Trop was gelijk maar bezat bovendien tropenfilters en een overlevingspakket voor in de woestijn.
![]() |
| Een Ju 87 B-1 van II./St.G 2 'Immelmann' in volle vlucht. Deze versie had een lichtere motor dan de B-2. Nam actief deel aan de Inval van Polen in september 1939 waar hij zorgde voor de slechte reputatie van de Stuka. |
De Stuka was een vrijdragende knikvleugel laagdekker volledig metalen toestel gebouwd uit twee ovalen rompschalen die met glad metaal waren bekleed. De vleugel bestond een twee driedelige hoofdbalken die eveneens met glad metaal waren bekleed. Onder de vleugels bevonden zich de duikremmen.
![]() |
| De Ju 87 vervulde alle vereisten die aan een bommenwerper voor tactische opdrachten werden gesteld. Zijn robuste bouwwijze en eenvoudig onderhoud vergemakkelijkten de inzet voor snelle ondersteuning. |
Om 04.45 Hr in de ochtend van 1 september 1939 drongen Duitse troepen met sterke luchtondersteuning het Poolse grondgebied binnen. De Stukaverbande van de Luftwaffe waren tegen dit tijdstip volledig opnieuw uitgerust met de ju 87 B. Er waren negen Stuka-Gruppen en één Staffel operationeel voor de aanval. Deze eenheden waren: I./St.G 1, I., II. en III./St.G 2, III./St.G 51, I//St.G 76, I. en II./St.G 77, IV.(Stuka)/LG 1 en 4.(Stuka)/186, met in totaal een gevechtssterkte van 336 vliegtuigen. Ter versterking van de Ju 87 B was elke Stabskette uitgerust met een klein aantal (gewoonlijk drie) Dornier Do 17's die de Stukas naar hun doel moesten leiden. Deze tweemotorige machines bleven in de hoogte terwijl de Stukas hun duikvlucht uitvoerden. Het merendeel van de Stuka Gruppen werden ingezet om 3de, 4de, 8ste, 10de en 174de Leger van de Wehrmacht te ondersteunen bij de inval. Voor de eerste maal werd de beruchte 'Blitzkrieg' tactiek gebruikt waarbij de duikbommenwerpers in feite de rol speelden van een virtuele lange-afstand artillerie, die versterkte punten uitschakelde die door de Panzer Divisionen tijdens hun opmars tegenkwamen. De oorlog tegen Polen vond zijn hoogtepunt in de vernietiging van Warschau waarbij de Stuka een groot aandeel had.
Zonder doeltreffende weerstand vernietigde de duikbommenwerper alle tegenstand, zeer tot tevredenheid van zijn voorstanders. Tijdens de winter van 1939-40 werden de Luftwaffe activiteiten tot een strikt minimum herleid, maar op 9 april 1940 vielen de Duitse strijdkrachten Denemarken en Noorwegen binnen, de aanval liep onder de naam 'Operation Weserubung'. Slechts één enkel duikbommenwerper Gruppe, I./St.G 1 met Ju 87 R's, nam deel aan de operatie. Denemarken viel reeds op de eerste dag en veel van grootste Noorse steden in het zuiden werden onder de voet gelopen. II./St.G 1 begaf zich op 10 april vanuit Kiel naar Stavanger. I./St.G 1 ging verder met het uitvoeren van verschillende aanvallen tegen versterkte punten, één ervan was de aanval op het radiostation van Vigra op 13 april, toen ramde één van de Stuka's één van de antennes, waardoor de zender buiten werking werd gesteld.
Voordat de campagne tegen Noorwegen ten einde was lanceerde Hitler reeds zijn aanval tegen de Lage Landen en Frankrijk, daarbij kwamen negen Stuka Gruppen met in totaal 320 Ju 87 B's en 38 Ju 87 R's tot inzet. De duikbommenwerpers stonden onder het commando van het VIII Fliegerkorps onder bevel van General Feldmarschall Wolfram von Richthofen. Het merendeel van de vliegtuigen van de Nederlandse en Belgische Luchtmacht werden aan de grond vernietigd tijdens verrassingsaanvallen op hun bases, en het Armeé de l'Air met zijn verouderde toestellen was geen echte tegenstander. Zonder echte weerstand te ondervinden tijdens zijn aanvallen op de troepenconcentraties en versterkingen werd de Stuka terug aanzien als hèt wonderwapen en werkte bovendien nauw samen met de Panzer Divisionen bij hun onophoudelijke opmars tot diep in Frankrijk. Bij het einde van de eerste week van de aanval hadden de Nederlandse strijdkrachten zich overgegeven, maar niet voordat de Luftwaffe de Rotterdam en zijn haven had vernietigd. De Duitse propagandamachine roemde dit als een nieuw wapenfeit van de Stuka's, maar in feite waren het de Heinkel He 111 P's van KG 54 die het aanval uitvoerden.
Op 26 mei 1940 begonnen de troepen van de British Expeditionary Force met hun evacuatie van de stranden van het omsingelde Duinkerken. De Luftwaffe had de opdracht gekregen om de evacuatie neer te slaan, maar voor de eerste maal ondervonden ze effectieve luchtweerstand in de vorm van Spitfires en Hurricanes van het RAF Fighter Command.
![]() |
| Ju 87 van I./StG 77 gecamoufleerd opgesteld in de bossen van Courcelles, bij Saint-Quentin, tijdens de oorlog in het Westen. (Foto: Price coll) |
In het begin van januari 1941 werden I./St.G 1 en II./St.G 2 en de Stab van St.G 3 overgeplaatst naar Trapani op Sicilië met als doel een verrassingsaanval uit te voeren op de Gibraltar-Malta-Alexandrië konvooien. Op 10 januari viel II./St.G 2 onder bevel van Major Enneccerus een Brits konvooi aan dat werd geëscorteerd door een kruiser en het vliegdekschip HMS Illustrious. De Illustrious werd geraakt door vier 500 kg bommen maar slaagde erin de haven van Valetta op Malta te bereiken. Een paar dagen later slaagde I./St.G 1 onder bevel van Hptm Werner Hozzel erin om het vliegdekschip in de haven aan te vallen.2./St.G1 verloor daarbij al zijn piloten met uitzondering van de Staffelkapitän. Er werden terug vier treffers geplaatst op het schip, maar terug voorkwam het gepantserde dek dat het schip onder de golven verdween.
Op 6 april 1941 vielen Duitse strijdkrachten Joegoslavië en Griekenland binnen. De Luftwaffe-
eenheden opereerden onder het commando van Luftflotte 4. Er namen twee Gruppen duikbommenwerpers die uit Frankrijk waren overgeplaatst (I. en III./St.G 2) en een Gruppe uit Noord-Afrika deel aan deze invasie. De campagne begon met zware aanvallen op Belgrado en spoedig daarop viel Joegoslavië. Daarna richtte de Luftwaffe haar aandacht op de invasie van Griekenland, en Athene viel op 27 april.
![]() |
| Start vanaf een Grieks vliegveld. De toestellen dragen de witte rompband voor het Middellands Zeegbied. |
Voor eind 1940 was er beslist geworden dat sommige Duitse geallieerden zouden worden voorzien van een aantal Ju 87 B's. Roemenië en Hongarije ontvingen de Ju 87 B-2, terwijl de Italiaanse Regia Aeronautica werd uitgerust met de Ju 87 B-1/Trop. Er werd algemeen aangenomen dat de Ju 87 B-1/Trop in feite door Breda onder licentie werd gebouwd onder de benaming Ba 201. De Ba 201 was een volledig verschillend ontwerp, er werd geen enkele Ju 87 in Italië gebouwd, deze die in dienst waren bij de Regia Aeronautica waren allen van Duitse makelij.
De Ju 87 B werd ingezet door de 960 en 970 Gruppi Bombardemento en de 208ma, 238ma en 239ma
Squadriglia van de Regia Aeronautica. Het 209ma Sqd gebruikte het toestel in Sicilië eind 1940. De Hongaarse toestellen werden ingezet met 102/1 Duikbommenwerper Squadron, een eenheid die aan het Oostfront dikwijls nauw samenwerkte met St.G 77.
| St.G 1 | A5 | Gen Maj. Waller Hagen RK-EL (juli 1940 tot november 1942). I Gruppe opgericht voor de oorlog; operaties in Polen en Frankrijk. II en III Gruppe gevormd op 6 juli 1940 van respectievelijk III. St.G 51 en I.(Stuka)/186. Nam deel aan de Slag om Engeland. l.St.G 1 naar N. Afrika, vervoegde later de twee andere Gruppen in Rusland. Werd SG 1 in oktober 1943. |
| St.G 2 | T6 | Obst. Oskar Dinort RK-EL (1939 tot april 1942). Obst. Paul-Werner Hozzel RK (april 1942 tot november 1942]. Genaamd "Immelmann". I. II and III Gruppen voor de oorlog gevormd uit St.G 163. Operaties in Polen, Frankrijk, de Lage Landen. Nam deel aan Slag om Engeland. II./St.G 2 naar N. Afrika, I en III Gruppe namen deel aan de aanval op de Balkan and Rusland. Begin 1942 opereerden alle Gruppen aan het Oostfront. Het Geschwader werd in oktober 1943 SG 2. |
| St.G 3 | S7 | Obst Walter Sigel RK. EL (1940 tot 1942). I Gruppe gevormd tijdens de zomer 1940. Twee andere Gruppen later opgericht. Nam deel aan de Slag om Engeland, later naar N. Afrika. Werd SG 3 in oktober 1943. |
| St.G 5 | J9 | Maj. Karl Heinz Stepp RK-EL (februari 1942 tot
oktober 1943). Enkel I Gruppe gevormd uit IV.(Stuka)/LG 1 in februari 1942. Opereerde in Noord-Rusland en Finland. Werd I./SG 5 in oktober 1943. |
| St.G 5l | 6G | Hptm. Anton Keil (1939 to juli 1940). Enkel III Gruppe gevormd voor de oorlog. Nam deel aan de aanval op de Lage Landen en Frankrijk. Werd II./St.G 1 op 6 juli 1940. |
| St.G 76 | F1 | Hptm. Karl Bode (1939 tot 1940). Hptm. Friedrich Kail von Dalwigk zu Lichtenfels (1940 tot juli 1940). Enkel I Gruppe voor oorlog gevormd uit elementen van KG 76. Nam deel aan de invasie van Polen en Frankrijk. Werd III./St.G 77 op 6 juli 1940. |
| St.G 77 | S2 | Obst. Gunther Schwarzkopff RK (1939 tot mei 1940), Obstlt. Graf von Schonborn RK (mei 1940 tot zomer 1942), Maj. Alfons Orthofer RK (zomer 1942 tot oktober 1942). I and II Gruppe gevormd voor de oorlog. Opereerde boven Polen, de Lage Landen en Frankrijk. lll./St.G 77 gevormd uit I/St.G 76 op 6 juli 1940. Alle Gruppen namen deel aan de Slag om Engeland en de aanval op Rusland. Werd SG 77 in oktober 1943. |
| LG 1 | LI | Hptm. von Brauchitsch (1939 to februari 1942].
Enkel IV.(Stuka) Gruppe (de andere vier Gruppen waren bommenwerpers of zware jagereenheden) voor de oorlog gevormd. Nam deel aan de aanval op Polen, Frankrijk Slag om Engeland en de inval in Rusland. Werd l./St.G 5 in februari 1942. |
| Träg.Gr 186 | Hptm. Helmut Malcke (september 1939 tot juli 1940). Enkel I.(Stuka)Gruppe (de andere Gruppen waren jachteenheden). Gevormd in December 1938 als IV (Stuka)/186. Werd op Gruppen-sterkte gebracht op 16 september 1939. Werd lll./St.G 1 on 6 juli 1940. |
| Afmetingen : | spanwijdte 13,80 m lengte 10,82 m hoogte 3,84 m vleugeloppervlakte 31,90 m² |
|---|---|
| Bemanning: | 2 man. Piloot en rugschutter/radio_operator |
| Motoren: | 1x Junkers Jumo 211 Da met 1.210 start pk Vmax: 387 km/u |
| Bereik : | 800 km |
| Plafond : | 8.000 m |
| Bewapening: | 2 x 7,9 mm MG 17 in de vleugels 1 X 7,9 mm MG 15 voor de rugschutter |
| Gewicht: | 4.700 kg |
| Bommenlast: | 1 x 500 kg onder de romp of 1 x 250 kg onder de romp + 4 x 50 kg onder de vleugels |